Inmiddels is het zondag. Ik heb mijn eerste 2 ‘werk’ dagen erop zitten en vandaag zou mijn rustdag zijn.  Na mijn briefing op donderdag na aankomst mocht ik vrijdag gelijk aan de slag met een distributie van baby dragers. In 3 teams van 2 met elk een andere merk drager hebben we in totaal ongeveer 180 dragers uit mogen delen. Niet in het kamp zelf, maar in de Olive Grove, de zones rondom het kamp. In Moria, binnen de muren van het kamp, zitten ongeveer 6000 mensen, waar plek en voorzieningen zijn voor 3200 man. In de Olive Grove, de olijfboomgaarden rondom Moria, zitten 14000 man. Veelal zonder basisvoorzieningen als elektriciteit en stromend water. In een hutje van pallets afgetimmerd met plastic, slapend op een deken. Mannen, vrouwen, kinderen, gezinnen. Zoveel kinderen….

Vrijdagochtend de 1e workshop gegeven over babyverzorging, met dank aan onze tolk, een lief meisje van 16 die zowel Farsi als Arabisch spreekt en nu dingen voor ons moet vertalen waar ze waarschijnlijk nog nooit over heeft nagedacht. In de middag op pad naar het ziekenhuis, mijn eerste kennismaking met de Griekse kraamafdeling. Als we denken dat het in Nederland slecht is, kom vooral hier eens kijken. Personeel is overbelast omdat er veel meer bevallingen zijn en niet meer personeel beschikbaar is. Vrouwen krijgen de hoogst noodzakelijke hulp want meer lukt niet.  Schrijnende situatie van een zwaar getraumatiseerde mama die geen oog kon hebben voor haar pasgeboren baby. Terwijl wij bezig waren om haar proberen te overtuigen van het nut en alle positieve effecten van borstvoeding, zeker gezien de hygiënische omstandigheden in het kamp en de kosten van poedermelk, was de verpleging onze aanwezigheid zat en werden we door de bewaking gesommeerd te vertrekken. Mama, baby en oudste dochter moesten ook weg. Buiten inmiddels al donker, geen geld voor bus of taxi en Moria is zeker een uur lopen. Taxi geregeld, maar geen winkels meer open voor babyvoeding. Ziekenhuis wilde niks verkopen, dus vertrokken zonder eten voor de baby. Te schrijnend voor woorden. Dat alle ellende die al meegemaakt is er voor kan zorgen dat je moederinstinct volledig weg is. Misschien wel te denken dat je pasgeboren kind beter af is dood dan levend. Wie vertrekt er immers zonder voeding in huis te hebben wetende dat je zelf niet kunt of wilt voeden. We wisten als team even niet meer wat te doen. Al vrij snel echter werd de beslissing genomen dat we de familie moesten gaan zoeken de volgende ochtend, in onze ogen voor de baby een zaak van leven en dood…. Het liefst waren we direct gegaan, maar in het donker is het gewoonweg te gevaarlijk.

Dus dat werd onze vrije zondag, zoekende in zone 12 , waarvan we dachten dat ze zat. Met niet meer dan een naam en wat kennis van haar omstandigheden, wanneer aangekomen, wanneer bevallen, naam van mama en van baby. Geen tent nummer, helemaal niks. Zoekend naar een naald in een hooiberg en wat waren we blij toen we na veel valse ‘I know the way’ en ‘new baby’ ‘bij anderen met jonge babys aanklopten, uiteindelijk toch onze mama hadden gevonden. Voor ons gevoel hebben we een leventje gered. We troffen een slaperige, slappe baby met weinig reflexen die gelukkig nog vecht kracht genoeg had om ons flesje te accepteren. Een mama die weliswaar nog bijna even apathisch was als de dag ervoor, maar met kolven al wel wat melk produceerde. Elke dag die gehaald wordt, elke nacht, is er eentje en brengt ons ietsje dichter bij een goede afloop. Morgen gaan we haar weer bezoeken, hopende op wat vooruitgang. Hoewel het een beetje dubbel voelt om zoveel focus te leggen op 1 baby, op 1 gezin, wetende dat er zoveel meer schrijnende gevallen zijn, is dit wat we moeten doen. Stap voor stap, kind voor kind, mama voor mama, gezin voor gezin. Op naar een mooiere, betere toekomst.

 

 

 

 

 

Categories: Geen categorie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *